Arien in de tuin.

Herontdekte brommer

De band die Ariën (52) heeft met zijn oma is zo sterk dat hij haar omschrijft als zijn ‘moedertje’. Op zijn verjaardag heeft hij mooie en droevige herinneringen aan haar.

Brommer

Oma’s brommer

‘Met mijn moeder heb ik nooit zo’n goede band gehad. Na schooltijd ging ik daarom spelletjes doen bij oma. Toen ik zestien werd deed ze mij haar Berini M23 brommertje uit 1953 cadeau.’ Voor de grote school vindt Ariën de brommer echter niet geschikt, dus koopt hij zelf al snel een Zundapp.

Verwaarloosd

Het duurt uiteindelijk 20 jaar voordat de brommer letterlijk weer van stal wordt gehaald. Ariën laat hem op de boerderij van zijn ouders onder een doek verpieteren. ‘De tank was helemaal weggerot dus die heb ik opnieuw laten coaten maar verder bleef die in originele staat.’

Jarig op sterfdag

Het lot wil dat de oma van Ariën uiteindelijk ook sterft op zijn verjaardag. Op dat moment wordt haar cadeau voor zijn zestiende verjaardag een bijzonder aandenken. ‘We waren tot de laatste dag erg close en ze is voor mijn eigen kinderen ook echt een oma geweest.’

Tweede jeugd

Als de kinderen het huis uit gaan beleven Ariën en de ruim 60 jaar oude brommer hun tweede jeugd. ‘Ik zou de brommer al nooit wegdoen maar een paar jaar later begon ik er weer mee te rijden. Voor die tijd moest er wel een verzekering en kentekenplaat geregeld worden.’

  • Brommer als pronkstuk in de achtertuin
  • Sleutelen aan de antieke brommer
  • Rijden op de antieke brommer
  • Benzinetank van de antieke brommer
  • Trotse bezitter van de antieke brommer

Toerclub

Inmiddels is Ariën druk bezig om de verloren tijd op zijn brommer in te halen. Als clublid rijdt hij jaarlijks acht toertochten door het hele land en zelfs tot over de grens. ‘Het is een heerlijk gevoel om met zo’n antieke brommer in een groep rond te rijden. En zo is oma altijd nog een beetje bij me.’

Blijven brommen

Ook als hij er zelf niet meer is hoopt Ariën dat de brommer van zijn oma rond blijft rijden. Hij heeft er verder nooit over gesproken maar ziet al een volgende eigenaar in één van zijn zoons. ‘De middelste is monteur dus die kan er vast wat mee. Hij moet in ieder geval niet meer terug op stal.’